Verhuizen is altijd spannend, maar helemaal als je besluit het roer om te gooien. Deze stellen kozen er bewust voor om te vertrekken uit de grote stad, of er juist naartoe te verhuizen. Waarom namen zij die beslissing, en hoe bevalt het?

Dertigers Bart en Hanneke woonden beiden al 20 jaar in Amsterdam, toen zij anderhalf jaar geleden hun droomhuis vonden in de oude vesting van Muiden.

Bart: “Omdat we ons huis in Amsterdam vlak voor de crisis hadden gekocht, dachten we niet aan verhuizen. Tot we merkten dat de school van onze kinderen leeg begon te lopen omdat de ouders ‘naar buiten’ verhuisden. Wij woonden al 20 jaar in Amsterdam en ik wilde wel wat nieuws. Dat hoefde voor mij niet per se in Amsterdam te zijn, want hoe vaak ga je nu eigenlijk naar de binnenstad?

Ik kwam al veel in Muiden omdat ik op het eiland Pampus werk en daar regelmatig zeil. Toen ik Hanneke voorstelde om naar een huis te gaan kijken in Muiden, twijfelde ze nogal. We vonden ons droomhuis ook niet direct. Tot we de filters aanpasten en ineens de perfecte woning vonden: met een tuin, vlakbij een basisschool en twee keer zo groot als ons huis in Amsterdam. Voor hetzelfde geld!

“De anonimiteit van Amsterdam heb je hier niet, maar voor de kinderen is het fantastisch”

Voor Hanneke was de stap groter dan voor mij, omdat al haar vrienden nog in Amsterdam wonen. Die van mij waren allang uitgewaaierd naar allerlei andere dorpen en steden. Onze oudste zoon vond het spannend dat hij nieuwe vriendjes moest maken, maar dat ging op het rustige schooltje in Muiden heel gemakkelijk. Omdat Muiden maar 6.000 inwoners heeft, kent hij inmiddels alle kinderen hier.

In Amsterdam wordt je altijd vermaakt; ga naar buiten en er is een festival, tentoonstelling of feest. In Muiden moet je zelf actief worden als iets je wilt doen of beleven. Die anonimiteit zoals in Amsterdam heb je hier ook niet. Maar voor kinderen is Muiden fantastisch. Die rennen hier zo de deur in en uit. Dat geeft een veilig gevoel, en voor ons als ouders is dat al de helft van ons geluk.”

Beiden zijn geboren en getogen op de boerderij. Toch verhuizen Hedwig (59) en Jan (63) volgende maand naar een appartement in de ‘Stad’, het centrum van Groningen.

Hedwig: “Dit is eigenlijk de eerste keer dat wij gaan verhuizen. Mijn man is geboren op de boerderij waar we nu wonen, en ik ben zelf ook op ‘t land opgegroeid hier vlakbij. Het is dus best een grote stap om naar de stad te gaan, maar we willen nog een poosje van het leven genieten. De boerderij is al jaren niet meer in functie en ligt als het ware tussen twee dorpen in, midden op de vlakte. Veel te saai, vinden wij.”

Daarom zetten Hedwig en Jan de boerderij al acht jaar geleden te koop, maar vanwege de recessie is de woning pas net verkocht. Hedwig: “Destijds wilden we nog verhuizen naar een vrijstaande woning, maar we zijn inmiddels acht jaar ouder. Om te kijken of een appartement misschien beter bij ons past, gaan we nu een tijdje iets huren in Stad. Misschien valt het heel erg tegen, maar wij willen graag leven om ons heen. Bovendien wonen de kinderen in het midden van het land en vanuit hier kunnen we toch makkelijker naar ze toe.”

“Van buiten lijkt de boerderij prachtig, maar dat is alleen maar omdat wij er altijd aan werken”

Het onderhoud van de boerderij is ook een reden om te verhuizen. “De boerderij is veel te groot voor ons tweetjes. Voor iedereen die langsfietst lijkt het prachtig hier, maar dat komt alleen maar omdat wij altijd aan het werk zijn in huis. Ik vind het heerlijk dat als ik straks thuiskom van mijn werk, ik niets meer hoef te doen. Op de boerderij is altijd werk, en daar hebben we geen zin meer in. We zullen de grote tuin wel missen, maar ach, met de racefiets zitten we binnen tien minuten in het buitengebied.”

Beeld: Bart Ongering